Aandelen

In het algemeen worden deze het meest verhandeld. Te denken valt aan aandelen uit de AEX en AMX omdat deze het makkelijkste zijn te verhandelen. De omzet is veelal groot genoeg om niet tegen een te grote spread aan te lopen.

Een spread is het verschil tussen de bied- en laatprijs. Bij aankoop betaalt u de laatprijs, bij verkoop ontvangt u de biedprijs. Kijk van te voren altijd of de spread hoog of laag is. ‘s Morgens bij aanvang van de beurs zijn de spreads vaak hoger dan na een half uur handel. Ook wanneer er kwartaal- of jaarberichten komen voor de beurs kan de spread groot zijn.

Ga het eerst proberen met een opdracht in het midden van de spread als u toch in de markt wilt. U moet er wel rekening mee houden dat u nooit de eerste bent die een bericht onder ogen krijgt. De grote handelaren houden de vingers aan de knop om, zodra een bericht komt, deze in te drukken voor aan- of verkoop. U loopt dan weer achter de feiten aan.
Het is natuurlijk mogelijk om een dag tevoren op de trein te springen, afgaand op wat analisten verwachten van de cijfers. Maar analisten zitten er ook vaak naast. De glazen bol waarin ze kijken vertelt niet altijd de waarheid.

Aandelen geven u stemrecht. Naast Nederlandse aandelen kunt u tegenwoordig vaak wereldwijd handelen, afhankelijk van het aanbod van uw bank of commissionair.
Met aandelen heeft u stemrecht in de onderneming waarvan u aandelen heeft. U bent dus een stukje mede-eigenaar.

Beursratio’s aandelen:

De koers / winst verhouding geeft weer hoeveel keer de winst van een onderneming op de beurs wordt betaald door beleggers.


Het dividendrendement is met name belangrijk bij de beoordeling van de hoogte van het dividend ten opzichte van de prijs van de aandelen.


Lijst met financiële kengetallen:

Financiële kengetallen of financiële ratio’s, zijn verhoudingsgetallen die kunnen worden samengesteld uit jaarrekeningen van ondernemingen. Wanneer een onderneming ook kwartaal en / of halfjaarcijfers publiceert dan kunt u hieruit natuurlijk ook deze ratio’s berekenen.
Door deze ratio’s per kwartaal / jaar per onderneming naast elkaar in een spreadsheet (b.v. Microsoft Excel) te zetten, krijgt u een beeld of ze uit pas gaan lopen. Als dat zo is kunt u proberen te achterhalen waarom dat zo is door in de toelichtingen op de jaarrekening te kijken of er ergens iets over een ratio staat vermeld. Vaak zult u het niet vinden omdat men niet te koop loopt met minder prettige getallen.
Als belegger moet u echter kritisch zijn en niet alleen op de mooie woorden letten. Vooral als er staat “dat het komende jaren weer beter wordt”. Deze kreten horen we maar al te vaak wanneer er slechte jaren tussen zitten. Ook analisten zijn niet altijd even kritisch, soms door gebrek aan bedrijfskennis, soms omdat de analist bij een bank werkt die ook kredieten aan de onderneming verstrekt.
Een belegger is stakeholder (belanghebbende) en moet voor zichzelf opkomen. Hij is immers aandeelhouder of hij heeft obligaties in een onderneming. Overigens moet u er wel rekening mee houden dat kengetallen slechts momentopnamen betreffen.

LIQUIDITEIT

Als vuistregel hanteert men de ratio 2 om de onderneming als liquide te beoordelen. Een ratio onder de 2 is slechter, boven de 2 beter.


Als vuistregel hanteert men de ratio 1 om de onderneming liquide te beoordelen. Een ratio onder de 1 is slechter, boven de 1 beter.

Netto werkkapitaal                          vlottende activa – kort vreemd vermogen
De liquiditeit is voldoende indien de vlottende activa groter zijn dan het vreemd vermogen op korte termijn.

SOLVABILITEIT

Minimumnorm ligt tussen 0,25 en 0,40.


Deze ratio geeft aan in welke mate de totale activa is gefinancierd met vreemd vermogen.


Geeft aan hoeveel maal een onderneming haar rentelasten verdient. De norm ligt tussen 3 en 5.


Hoe hoger de uitkomst van deze ratio des te eenvoudiger de onderneming aan haar verplichtingen ten aanzien van rente en aflossing aan de verschaffers van het lang vreemde vermogen kan voldoen.

OMLOOPFREQUENTIE

Geeft de mate aan waarin met de ter beschikking staande vaste activa de omzet wordt gegenereerd.


Hoe hoger de uitkomst des te sneller de debiteur betaalt.


Dit is de gemiddelde incassoduur.

RENTABILITEIT


Dit kengetal geeft aan wat het aangetrokken vreemd vermogen gemiddeld heeft gekost.

Omdat we hier diverse ratio’s en percentages van een bedrijf hebben berekend, kunnen we het bedrijf vergelijken met soortgelijke branchegenoten.  Daarbij kunnen we nagaan welke onderneming het beste rendeert en waarin we moeten beleggen.

Voor zowel de ondernemingsratio’s als de beursratio’s geldt dat er nog vele andere ratio’s zijn te berekenen. Als u als belegger daarmee bezig gaat zult u vanzelf de nodige vragen tegenkomen. U kunt rustig wat aanpassingen doen mits u dit consequent doet zodat alle cijfers met elkaar kunnen worden vergeleken zonder dat er ruis ontstaat.                                             

Theo Bussink
16.6.2017